Persoonlijke hulpmiddelen
U bent hier: Home Financiële Vaardigheid De Financiële Markten Begrippenlijst

Begrippenlijst

Een overzicht van de meest gebruikte financiële begrippen.

In deze lijst vindt u een korte verklaring voor de meest gebruikte begrippen op de financiële markten. De lijst is alfabetisch gerangschikt.

 

Begrippenlijst

Aandelen
Een aandeel is een bewijs van deelneming in het eigen vermogen van een onderneming. Een aandeelhouder is daardoor mede-eigenaar van de onderneming voor het percentage aandelen dat hij bezit. In ruil daarvoor heeft de aandeelhouder recht op een deel van de winst, het zogeheten dividend. Aan een aandeel is gewoonlijk stemrecht verbonden dat men tijdens de Algemene Vergadering van Aandeelhouders kan uitoefenen. In Nederland, België, Portugal en Frankrijk vindt verhandeling van de aandelen van beursgenoteerde ondernemingen plaats op de effectenbeurs van Euronext.

Aandelenklasse
Type van aandeel (van een beleggingsfonds) dat zich onderscheidt/verschilt van andere aandelen binnen het fonds door een specifieke kostenstructuur of instapdrempel (bijvoorbeeld in functie van de doelgroep: institutioneel versus particulier), een eventuele muntindekking, de noteringsmunt, de aard (kapitalisatie versus distributie), ... .

Aandelenfonds
Fonds dat in hoofdzaak in aandelen belegt. Het aanbod aan aandelenfondsen is uitgebreid, zo zijn er: fondsen die wereldwijd beleggen, fondsen die gespecialiseerd zijn in een land of regio, fondsen die gespecialiseerd zijn in een sector of marktniche, fondsen die actief of indexmatig beheerd worden, ... . De beleggingspolitiek wordt uiteengezet in het prospectus.

Aandelenkorf
Een aandelenkorf bestaat uit een welbepaald aantal aandelen. Deze korf is vaak de onderliggende waarde van fondsen met vaste looptijd. De opbrengst van het fonds hangt dan samen met die van de korf.

Achtergestelde lening/obligatie
Een achtergestelde lening (of obligatie) is een krediet waarbij de schuldeiser in het geval van faillissement van de schuldenaar wordt achtergesteld - wat betekent dat deze schuldeiser achter de gewone schuldeisers komt en slechts voorrang heeft ten opzichte van de aandeelhouders, vennoten of inbrengers. Achterstelling kan men bereiken door dit contractueel met elkaar af te spreken. Door de achterstelling loopt de schuldeiser een hoger risico dat deze een deel van zijn verstrekte krediet niet terugbetaald krijgt. Om dit te compenseren wordt meestal een hoger rendement geboden. Verder zijn de ontvangen interest belastingsvrij.

AIFM Richtlijn
AIFM is een Engelstalig acroniem dat staat voor “Alternative Investment Fund Managers”. In het Nederlands wordt dit vertaald naar “Beheerders van Alternatieve Beleggingsfondsen” oftewel BAB.
De hoofddoelstelling van de AIFM Richtlijn is om BAB’s een goedkeuringsprocedure te laten doorlopen en om hen nadien permanent aan geharmoniseerde regulerende standaarden te onderwerpen. Daarenboven zal de transparantie naar enerzijds investeerders en anderzijds publieke controle entiteiten bevorderd worden aangaande de activiteiten van de BAB’s en de fondsen die zij beheren.
De AIFM Richtlijn is bovendien de eerste poging in eender welke rechtsgebied om een werkkader te ontwikkelen dat zowel de supervisie als de directe regulering van de alternatieve beleggingsfondsen industrie beoogt. De Richtlijn zou moeten helpen om de tekortkomingen in de bestaande nationale regelgeving te overwinnen, zou moeten helpen om de grensoverschrijdende natuur van bepaalde risico’s te beheren en in te schatten en zou moeten bijdragen tot de ontwikkeling van de interne markt.
De Richtlijn viseert om alle substantiële BAB’s evenals derden die sleuteldiensten aanleveren (zoals bewaarders, administratief beheerders, taxateurs) te onderwerpen aan regelgevende standaarden. Verder focust de Richtlijn zich in eerste instantie op het marktsegment van professionele beleggers.

Alfa
Alfa is de outperformance die behaald wordt bovenop wat verwacht zou mogen worden volgens een bepaald beleggingsmodel. Een positieve alfa geeft aan dat een beleggingsinstrument het beter heeft gedaan dan op basis van de gegeven beta verwacht mocht worden. Evenzo geeft een negatieve alfa aan dat de ICB een underperformance heeft, gegeven de verwachtingen die behoren bij de beta van de ICB.

American Stock Exchange (AMEX)
Effecten- en optiebeurs in New York, afgekort als Amex. Niet hetzelfde als de New York Stock Exchange (NYSE), die ook wel met de term Wall Street wordt aangeduid.

Alternatieve Beleggingen
Alternatieve beleggingen zijn beleggingen in hedgefondsen en particuliere aandelenfondsen. Alternatieve beleggingen hebben als doelstelling elk jaar een positief resultaat te behalen, ongeacht de economische omgeving. Traditionele onderlinge fondsen hebben echter als doelstelling een rendement te behalen dat hoger is dan de benchmark-marktindices.

Appreciatie
Ander woord voor waardestijging. Wordt gebruikt in de valutahandel om de waardestijging van de ene valuta ten opzichte van een andere aan te geven.

Ask
Vraagprijs. De prijs die de ‘markt’ vraagt voor de verkoop van een bepaald effect.

Asset allocation
Asset allocation is het verdelen van het belegde vermogen over verschillende activa of asset categorieën. Meestal wordt op basis van het risicoprofiel een verdeling gemaakt tussen cash, obligaties, aandelen en onroerend goed.

Asset Categorieën
Asset categorieën zijn brede beleggingscategorieën die verschillende niveaus van risico en rendement bieden zoals aandelen, obligaties en kas. Aandelen hebben het grootste potentieel als het gaat om rendement, maar dit gaat gepaard met een relatief hoog risico. Obligaties bieden meer zekerheid met een gemiddeld wat lager rendement. Onroerend goed kan goede rendementen bieden, maar herbergt het gevaar van illiquiditeit. Kas kent het laagste verwachte rendement, maar biedt veel zekerheid en liquiditeit.

Asset Management
Asset Management of vermogensbeheer is de algemene term voor het beheren van een portefeuille van een groep assets, zoals aandelen, obligaties of kas.

Asset Mix
Verdeling van het vermogen over aandelen, onroerend goed, obligaties, deposito's en liquide middelen. De asset mix wordt doorgaans bepaald door de wens om een optimale risico rendementsverhouding te bereiken die past bij de horizon en doelen van de belegger.

Basispunt
Eenheid waarmee renteverschillen worden aangegeven. Een basispunt is gelijk aan een honderdste procentpunt.

Bear Market
Engelse term voor een markt waarin de koersen over een breed front dalen.

Bedrijfsobligatie
Een bedrijfsobligatie is een obligatie die uitgegeven wordt door een onderneming om de bedrijfsactiviteiten te financieren. De hoofdsom wordt terugbetaald wanneer de obligatie afloopt. Daarnaast keert een obligatie tijdens zijn looptijd regelmatig rente uit. Er bestaan ook diverse ICBs die beleggen in bedrijfsobligaties.

Beheerder
De beheerder is de organisatie waar het beheer van het fondsvermogen plaatsvindt.

Beheerkosten
De vergoeding die wordt betaald voor vermogensbeheer. De beheerskosten worden uitgedrukt in procenten per jaar. De kosten worden in mindering gebracht op het vermogen van de ICB.

Bel-20 index
Door Euronext onderhouden en berekende beursgraadmeter van de lokale Belgische effectenmarkt. De Bel-20 is een gewogen index die is gebaseerd op de koersen van de 20 meest verhandelde Belgische ondernemingen die staan genoteerd op de effectenbeurs van Euronext. De effectieve aandelenomzet is bepalend voor opname van een bedrijf in de Bel-20.

Beleggingsmix
Samenstelling van een beleggingsportefeuille. Een beleggingsportefeuille kan uit diverse beleggingscategorieën bestaan, zoals aandelen, obligaties, onroerend goed, grondstoffen en bankdeposito's.

Benchmark
Engelse term voor ijkpunt. Een index kan dienen als een benchmark of als ijkpunt. De index gebruikt men dan om de prestaties van andere indices of beleggingsinstrumenten mee te vergelijken.

Beta
De beta van een aandeel is de mate waarin de koers van dat aandeel beweegt ten opzichte van bijvoorbeeld een index. Een beta van bijvoorbeeld 0,75 betekent dat een stijging van de index met 1% in een bepaalde periode gepaard gaat met een stijging van 0,75% van de koers van dat aandeel.

Beurswaarde
De beurswaarde van een beursgenoteerd bedrijf berekent men door het aantal uitstaande aandelen te vermenigvuldigen met de actuele beurskoers. Beurswaarde is hetzelfde als marktkapitalisatie.

Bevak
BEleggingsvennootschap met VAst Kapitaal.

Bevek
BEleggingsvennootschap met VEranderlijk Kapitaal.

Bewaarbedrijf
Het bewaarbedrijf of custodian is een bancaire of trustorganisatie die verantwoordelijk is voor het bewaren en administreren van de effecten die een ICB bezit.

Bid
Biedprijs. De prijs die door de ‘markt’ biedt voor de aankoop van een bepaald effect.

Blue Chip
Engelse term voor een bedrijf met een grote beurskapitalisatie.

Boekjaar
Boekjaar, een twaalfmaandsperiode waarover een onderneming haar omzet en winst rapporteert. Een boekjaar hoeft niet altijd samen te vallen met een kalenderjaar of fiscaal jaar.

Bottom-up
Beleggingsmethode waarbij eerst de kwaliteit en de toekomstkansen van een bedrijf worden onderzocht en pas daarna andere beleggingsmotieven in ogenschouw worden genomen. Tegenovergestelde van de top-down benadering.

Broker
Een broker, of commissionair, is een persoon of firma die bemiddelt tussen de koper en verkoper van effecten. De commissionair krijgt bij een transactie een vergoeding die commissie wordt genoemd.

Bull Market
Engelse term voor een positief gestemde markt waarin de koersen over een breed front stijgen.

Buy and hold strategie
Engelse term voor een beleggingsmethode waarbij de belegger nauwelijks nieuwe aandelen in portefeuille neemt en dividendopbrengsten gebruikt om te herbeleggen in aandelen die hij al heeft.

CAC 40
Door Euronext onderhouden en berekende beursgraadmeter van de lokale Franse effectenmarkt. De CAC40 is een gewogen index die is gebaseerd op de koersen van de 40 meest verhandelde Franse ondernemingen die staan genoteerd op de effectenbeurs van Euronext. De effectieve aandelenomzet is bepalend voor opname van een aandeel in de CAC40. CAC is een afkorting van Cotation Assistée en Continue.

Cash Dividend
Een dividenduitkering in geld. Dividenduitkering kan ook gebeuren in de vorm van aandelen, in dat geval spreken we van een stockdividend.

Cash flow
Engelse term die staat voor de som van nettowinst en afschrijvingen van een bedrijf. Aan de hoogte van de cashflow kan gezien worden of een bedrijf veel of weinig heeft om investeringen te doen of schulden af te lossen.

Chart
Engelse term voor koersgrafiek. Charts gebruikt men onder andere bij de technische analyse van de effectenmarkt of van een individueel aandeel.

Chinese Walls
Denkbeeldige scheidingswanden tussen diverse afdelingen van financiële instellingen (vooral banken). Op de grond van deze Chinese muren moet voorkomen worden dat de koersgevoelige informatie te vroeg bij bepaalde afdelingen terechtkomt.

Collateralized Debt Obligation (CDO)
Een financieel instrument dat bestaat uit de bundeling van verschillende soorten vorderingen (zoals obligaties, leningen, vastrentende effecten en andere activa). Al deze gebundelde vorderingen worden samen verpakt in een globale schuldverplichting dewelke dan opgedeeld wordt in schijven (van 'zeer riskant = hoge vergoeding' tot 'minder riskant = lagere vergoeding'). Deze schijven vormen het onderpand voor nieuwe obligaties die worden verkocht. Met de opbrengst uit de onderliggende vorderingen kan de instelling - die de nieuwe obligaties uitgaf - de obligatiehouders vergoeden.

Commissie
Vergoeding die wordt gevraagd om bepaalde effectentransacties uit te voeren.

Commissionair
Een commissionair of broker is een persoon of firma die bemiddelt tussen kopers en verkopers van effecten. De commissionair krijgt bij een transactie een vergoeding die commissie wordt genoemd.

Commodities
Engelse term voor goederen en grondstoffen, zoals goud, zilver en andere edelmetalen en koper, koffie, sojabonen en dergelijke.

Compartiment
Een compartiment is een afgezonderd gedeelte van een bepaalde ICB met een eigen beleggingsstrategie.

Consumenten Prijs Index (CPI-index)
Graadmeter voor inflatie. In de index, die elke maand wordt gepubliceerd, worden prijzen van consumentengoederen en -diensten opgenomen.

Contrarian
Een belegger die tegen de stroom ingaat; als 'iedereen' verkoopt gaat hij juist kopen en als 'iedereen' koopt gaat hij verkopen.

Converteerbare Obligatie
Een obligatielening die onder bepaalde voorwaarden, op een bepaalde datum inwisselbaar is in een ander soort effecten, meestal aandelen van de uitgevende instelling. Een converteerbare obligatie noemt men ook wel convertible bond.

Correctie
Als na een periode van (sterke) stijging de beurskoersen terugvallen spreekt men wel van een correctie.

Coupon
De coupon is het vaste rentepercentage dat met regelmaat op een vastrentende belegging wordt betaald.

Coupon datum
Datum waarop de rente op een obligatie wordt betaald.

Couponrendement
De verhouding tussen de couponrente (de rente over het nominale bedrag van een obligatie) en de beurskoers van een obligatie. Stel: een 6%-staatslening heeft een beurskoers van 95%. Het couponrendement is dan: 6 / 95 x 100% = 6,32%.

Cyclische aandelen
Aandelen van bedrijven die gevoeliger zijn voor ontwikkelingen in de economische cyclus of conjunctuur dan defensieve aandelen. Voorbeelden van cyclische aandelen zijn onder andere chemie en staalbedrijven.

Defensieve aandelen
Aandelen die minder gevoelig zijn voor ontwikkelingen in de economische cyclus of conjunctuur dan cyclische aandelen. Voorbeelden van defensieve aandelen zijn onder andere voedings-  en telecommunicatie bedrijven.

Delta
Delta is een optieterm die aangeeft hoeveel aandelen er nodig zijn om het prijsrisico van een optie te dekken.

Deposito
Geld dat door een belegger voor een bepaalde, vaste periode tegen een rentevergoeding is ondergebracht bij een bank. De looptijd van een deposito kan variëren van een dag (zogeheten daggeld) tot enkele jaren.

Depreciatie
Een depreciatie is de waardedaling van de ene munt ten opzichte van een andere.

Derivaten
Opties, financiële futures, agrarische termijncontracten en warrants  zijn zogeheten derivaten of ‘afgeleide’ producten van een onderliggende waarde zoals aandelen, indices, valuta’s of commodities.

Devaluatie
De devaluatie van een munt is de daling van de waarde van een munteenheid die een vaste wisselkoers kende. Een devaluatie is vaak het resultaat van een beslissing van de overheid.

Distributeur
Een distributeur is een bedrijf (meestal banken en verzekeraars) dat verantwoordelijk is voor de verkoop en marketing van ICB’s aan beleggers op een continue basis. De distributeur is eveneens verantwoordelijk voor het toezenden van informatie, zoals prospectus, jaarverslag en additionele informatie.

Diversificatie
Een portfoliostrategie waarmee het risico wordt verlaagd door verschillende beleggingen te combineren die waarschijnlijk niet in dezelfde richting bewegen. Het doel van diversificatie is het totale risico te verkleinen. Over het algemeen verlaagt diversificatie zowel de boven- als de onderkant van het prestatiepotentieel van een portfolio, zodat een consistenter resultaat kan worden behaald in een brede verscheidenheid van economische omstandigheden.

Dividend
Een dividend is een contante winstuitkering die door een ICB of bedrijf gedaan worden aan de aandeelhouders.

Dividendrendement
Het dividendrendement wordt berekend door het dividend te delen door de huidige aandelenkoers en de uitkomst met 100 te vermenigvuldigen.

Dow Jones Industrial Average
De door Dow Jones & Company berekende en onderhouden beursbarometer van de Amerikaanse effectenhandel. De Dow Jones Industrial Average index werd in 1896 ontwikkeld door Charles Dow. De ‘Dow’ is samengesteld uit 30 Amerikaanse blue chips. Men beschouwt deze index, samen met de S & P 500 index, als één van de belangrijkste beursindicatoren ter wereld.

Duration
Maatstaf voor de rentegevoeligheid van obligaties. Hoe langer de resterende looptijd, des te sterker obligatiekoersen reageren op een renteverandering en hoe hoger de duration. Vuistregel: stijgt of daalt de rente met 1%, dan fluctueert de waarde van de obligatie met 1% maal de duration.

Duurzaam beleggen
Bij een ICB die duurzaam belegt, worden de middelen geïnvesteerd in ondernemingen die bepaalde ethische normen hanteren.

Effectenbeurs
Een centrale, gereguleerde marktplaats voor de verhandeling van aandelen, obligaties en dergelijke. In Nederland, België, Portugal en Frankrijk is de marktplaats voor deze producten de cashmarkt van Euronext. Op de derivatenmarkt vindt de verhandeling plaats van hiervan afgeleide producten (of derivaten) zoals opties en futures.

Emerging market
Een opkomende markt (emerging market) is een financiële markt van een ontwikkelingsland.

Emissie
Uitgifte van effecten.

Emittent
De uitgever van een financieel instrument.

Euribor
Rentetarief dat kredietwaardige banken elkaar in rekening brengen voor bedragen die luiden in euro's.

Eurobond
Een obligatielening uitgegeven in een andere munteenheid dan die van het land van uitgifte. Bijvoorbeeld een obligatielening in dollars, uitgegeven door een in België gevestigde onderneming.

Euroland
Euroland of eurozone is een naam voor de combinatie van landen die de euro als munteenheid hebben aangenomen.

Euronext
Euronext is de combinatie van de beurzen van Amsterdam (Amsterdam Exchanges), Brussel (Brussels Exchanges) en Parijs (Paris Bourse).

Exdividend
De vermelding van de koers van een aandeel op de dag van dividenduitkering, waarbij de verhandeling exclusief het betaalbaar gestelde dividend plaats vindt.

Fed
Federal Reserve Board
Het hoogste bestuursorgaan van de Amerikaanse Centrale Bank, bestaande uit twaalf over de Verenigde Staten verspreide Federal Reserve Banks.

Federal Funds Rate
Belangrijkste geldmarkttarief in Amerika. Door de geldmarkt te verruimen of te verkrappen bepaalt Fed de hoogte van dit tarief.

Financiële Instelling
Verzamelnaam voor bedrijven die als hoofdactiviteit het opereren op de financiële markten hebben. Het gaat om banken, verzekeringsmaatschappijen, pensioenfondsen, commissionairs en dergelijke.

Financiële Markten
Verzamelnaam voor markten waarop financiële producten worden verhandeld en waar vraag naar en aanbod van geld bij elkaar komen.

Floating Rate Note (FRN)
Een obligatie met een variabele coupon die vaak ieder kwartaal wordt aangepast. De variabele coupon bestaat uit een geldmarkt referentie index (zoals de EURIBOR = interbancaire korte termijn interestvoet in de EU zone) verhoogd met een vast percentage.

Fondsaanbieder
Een fondsaanbieder is een vermogensbeheerder die ICB’s aanbiedt aan beleggers.

Fondsmanager
Een fondsmanager is een persoon die direct verantwoordelijk is voor het management van de portefeuille van de ICB.

Fondssupermarkt
Een fondssupermarkt is een bank of fondsaanbieder die een wijd fondsenassortiment afkomstig van verschillende aanbieders verkoopt.

FTSE 100
De door de toonaangevende Britse zakenkrant The Financial Times ontwikkelde index van de 100 meest actieve aandelen genoteerd op de London Stock Exchange. FTSE spreekt men gewoonlijk uit als ‘foetsie’. FTSE International in Londen berekent en onderhoudt de FTSE 100 index.

Fundamentele Analyse
Een methode waarbij men tracht door analyse van bedrijfsgegevens zoals jaarcijfers een voorspelling te doen over de mogelijke koersontwikkeling in de toekomst.

Future
Engelse naam voor een termijncontract. Anders dan bij opties hebben bij futures  zowel de koper als de verkoper een verplichting en is er geen premiebetaling.

Gamma
De gamma geeft aan in welke mate de delta van een optie verandert ten gevolgde van een koersverandering van de onderliggende waarde. Bij een delta van 50 en een gamma van 5 zal de delta bij een koersbeweging van één euro stijgen naar 55 of dalen naar 45.

Gemiddeld rendement
Op de verschillende beleggingscategorieën zoals aandelen, obligaties en deposito's worden meestal verschillende rendementen behaald. Door rendementen te vermenigvuldigen met het belegd vermogen, de uitkomst van de vermenigvuldigingen bij elkaar op te tellen en vervolgens te delen door het totale vermogen krijgt men het gemiddelde rendement.

Gereglementeerde markt
Een gereglementeerde markt houdt in dat de beursorders worden doorgegeven binnen een financieel centrum hetwel alle orders centraliseert en voor ieder financieel instrument een orderboek samenstelt. Dit financieel centrum noemt men de verrekeningskamer of ook wel het clearing house. Het gevolg is dat de belegger de tegenpartij waarschijnlijk niet zal kennen.

Hedge fund
Van oudsher ICB’s die op basis van een vastgelegde strategie proberen beleggingsrisico's te beperken. Het zijn vaak besloten fondsen, die een forse minimale inleg verlangen, met geleend geld opereren en gebruikmaken van afgeleide producten. Tegenwoordig gebruikt als verzamelnaam voor zeer speculatief ingestelde beleggingsfondsen.

Hedgen
Engelse term voor afdekken. Hedging is het afdekken van risico’s door het aangaan van een andere positie. Sommige effectentransacties kunnen het risico elimineren dat door een reeds bestaande positie is gecreëerd.

Herbeleggen
Het beleggen van bijvoorbeeld dividend- en rente-inkomsten uit een beleggingsportefeuille in de waarde waarop die inkomsten zijn genoten of in andere zaken.

Index
Een index is een verzameling effecten die zo is samengesteld dat ze een bepaald gedeelte van de markt representeert. Veel genoemde indices zijn de Dow Jones Industrial Average, de S&P 500 en de AEX-index. Veel ICB’s kiezen ervoor om hun prestaties te evalueren aan de hand van een index (de benchmark).

Inflatie
Met inflatie bedoelt men de ontwaarding van geld.

Investment Grade
Een internationale quotering die een indicatie geeft van de kredietwaardigheid van de instelling die het effect uitgeeft.

Institutionele belegger
De verzamelnaam voor grote, niet-particuliere beleggers zoals beleggingsmaatschappijen en pensioenfondsen.

IPO
Engelse term voor de eerste uitgifte van aandelen of obligaties op een effectenbeurs (IPO = initial public offering).

ISIN
International Security IdentificatioN code. De internationale administratiecode toegekend aan een effect. De ISIN-code bestaat uit een landencode en een uniek nummer.

Jaarverslag
Een jaarverslag is een document dat een ICB jaarlijks moet opstellen. Het verslag laat zien hoe de ICB zijn vermogen heeft belegd, en geeft inzicht in de financiële stand van zaken door middel van de balans en resultatenrekening. In het verslag van de directievoorzitter wordt teruggekeken op het voorgaande jaar en wordt vooruitgekeken naar zaken die in de toekomst zullen spelen.

Junk bond
Obligaties uitgegeven door kwalitatief minder goede bedrijven die daarom een relatief hoge couponrente hebben.

Kapitaalbescherming
Kapitaalbescherming betekent dat de ICB zich moreel verplicht om het gewaarborgde kapitaal terug te betalen.

Kapitaalgarantie
Kapitaalgarantie betekent dat de ICB zich juridisch verplicht om het gewaarborgde kapitaal terug te betalen.

Kapitaalmarkt
De markt waarop de verhandeling plaatsvindt van vermogenstitels met een looptijd van meer dan een jaar. Er bestaat een onderscheid tussen de openbare kapitaalmarkt die voor iedereen toegankelijk is, zoals een effecten- of een optiebeurs, en de onderhandse kapitaalmarkt voor professionele beleggers.

Koers
De koers of netto inventariswaarde waarde (NAV in het Engels) is de waarde van de beleggingen in een ICB.

Koerswinstverhouding
Een cijfer dat de verhouding tussen de koers van een aandeel en de nettowinst per aandeel uitdrukt. Als de koers van een aandeel € 100 bedraagt en de winst per aandeel bedraagt € 5, dan is de koerswinstverhouding 20.

Korte rente
De rente berekend over leningen met een looptijd korter dan een jaar.

Lange rente
De rente berekend over leningen met een looptijd langer dan een jaar.

Large Caps
Aandelen met een hoge marktkapitalisatie.

Liquiditeit
De mate van vraag en aanbod bepaalt de liquiditeit van een beleggingsinstrument. Hoe meer vraag en aanbod in een beleggingsinstrument samenkomen, hoe meer liquide het is.

London Interbank Offered Rate (LIBOR)
LIBOR is de rente die de grootste en meest kredietwaardige internationale banken elkaar in Londen in rekening brengen als ze aan elkaar lenen.

London Stock Exchange (LSE)
De LSE is één van de grootste beurzen ter wereld. Bekendste index op de LSE is de FTSE 100.

Maturity
Maturity is de datum waarop de hoofdsom van een vastrentende belegging, zoals een obligatie, zal worden terugbetaald. De Maturity, oftewel de afloopdatum, van een vijfjaarsobligatie die is uitgegeven op 1 november 2001 is 1 november 2006.

Mid cap
Een onderneming met een marktkapitalisatie (=aantal aandelen * prijs per aandeel) gelegen tussen 1 miljard USD en 10 miljard USD.

MiFID Richtlijn
MiFID is een Engelstalig acroniem dat staat voor “Markets in Financial Instruments Directive”. In het Nederlands wordt dit vertaald naar “Markten voor Financiële Instrumenten”.
MiFID is een Europese beleggingsrichtlijn die een geharmoniseerde regulering voorlegt voor beleggersdiensten en dewelke de volgende doelstellingen nastreeft: ‘het beschermen van de beleggers en de integriteit van de financiële markten’, ‘het bevorderen van eerlijke, transparante, efficiënte en geïntegreerde financiële markten’ en ‘het verder harmoniseren van de Europese beurshandel en beleggingsmarkt’. Kortom, betere beschermingsregels voor beleggers en een verhoogde concurrentie en transparantie op de financiële markten.

NASDAQ
Elektronische aandelenmarkt in New York. Is de laatste jaren snel gegroeid en concurrent geworden van de New York Stock Exchange. Grote bedrijven zoals Microsoft en Intel staan aan de Nasdaq genoteerd.

NAV
Afkorting van Engelse term Net Asset Value, oftewel netto contante waarde.

New York Stock Exchange (NYSE)
Op Wall Street in New York is de New York Stock Exchange (NYSE) de oudste Amerikaanse aandelenbeurs. De S&P 500 en de Dow Jones Industrial Average zijn de belangrijkste indices die het koersverloop op de NYSE weergeven.

Nikkei-index
De Nikkei Stock Average-index is samengesteld uit de 225 meest actieve aandelen van de effectenbeurs van Tokio. De Nikkei-index ziet men als de belangrijkste Aziatische beursbarometer.

Obligatie
Een effect in de vorm van een schuldbewijs. Door uitgifte van een obligatie kan de uitgevende instelling vreemd vermogen aantrekken voor bijvoorbeeld investeringen. Een obligatie geeft recht op (meestal) een vaste rente en op terugbetaling van de hoofdsom aan het einde van de looptijd. Uitgevers van obligaties zijn ondernemingen, publieke instellingen en landelijke- en lokale overheden. Er bestaan verschillende soorten obligaties met elk een eigen kenmerk: nulcoupon-, winstdelende-, achtergestelde-, converteerbare-, premieobligaties etcetera.

Omzet binnen beleggingsportefeuille / Turn over ratio
De omzet binnen de beleggingsportefeuille geeft weer hoe actief een fondsmanager gedurende een jaar heeft gehandeld. Het wordt weergegeven als percentage van het totale vermogen van een ICB. Het percentage geeft een indicatie van het percentage van de portefeuilleposities die zijn veranderd in het afgelopen jaar.

Onderhandse markt
Een onderhandse markt is een markt waar de twee partijen met elkaar in contact treden om de transactie uit te voeren en af te handelen.

Optie
Een optie is een financieel afgeleid product waarbij twee partijen onderling een contract afsluiten omtrent de aankoop of verkoop van een activa aan een vooraf overeengekomen prijs en dit « binnen een vooraf overeengekomen tijdsspanne (Amerikaanse opties) » of « op de einddag van een overeengekomen tijdsspanne (Europese opties) ». De koper van de optie heeft het recht om te vragen dat de activa aan de overeengekomen prijs worden verhandeld. De verkoper van de optie heeft de verplichting om de activa aan de overeengekomen prijs te verhandelen indien de koper dit vraagt. De waarde van een optie wordt afgeleid van de waarde van het onderliggend actief verhoogd met een premie dewelke gelinkt is aan de resterende looptijd (hoe langer de looptijd, hoe groter de onzekerheid, hoe hoger de premie).

Ordergedreven markt
In een ordergedreven markt geven de verschillende leden van de markt de (ver)kooporders door. Op basis van deze informatie berekent een ordergedreven markt vervolgens de beurskoers van het effect zodat het grootste volume financiële instrumenten geruild zou kunnen worden. Alle deelnemers van de markt zien de verschillende limietorders en de aangeboden of gevraagde hoeveelheden. Wie het snelst reageert, wordt als eerste bediend.

Outperformer
Aandeel dat het duidelijk beter doet dan andere aandelen op de index van de betreffende aandelenmarkt. Soms wordt ook een belegger of beleggingsinstelling bedoeld die het beter doet dan een ander.

Over The Counter (OTC)
Zie "onderhandse markt".

Pari
Een koers noteert « à pari » wanneer deze gelijk is aan de nominale waarde. Bij « boven pari » is de koers hoger dan de nominale waarde. Bij « onder pari » (ook wel « beneden pari ») is de koers lager dan de nominale waarde.

Penny stocks
Een penny stock is een meestal volatiel aandeel van een risicovol bedrijf met een lage marktkapitalisatie. De koers van een penny stock bedraagt vaak niet meer dan enkele tientallen centen.

Performance
De performance of het rendement van een beleggingsinstrument geeft weer hoe de waarde van een belegging is gegroeid (of gedaald) over een bepaalde periode.

Performance fee
Een performance fee is een vergoeding die aan de fondsmanager wordt betaald als hij een bepaalde performance heeft behaald in een gespecificeerde periode. Vaak wordt de performance fee uitbetaald als de ICB beter presteert dan zijn benchmarkindex.

Periodiek beleggen
Periodiek beleggen houdt in dat een belegger meestal maandelijks geld inlegt in een beleggingsfonds.

Portefeuille
Portefeuille is een verzameling van aandelen, obligaties of andere effecten.

Positie
Een positie is een belegging. Een belegger kan posities innemen in diverse activaklassen zoals obligaties of aandelen.

Prijsgedreven markt
In een prijsgedreven markt staan er telkens marktmakers tussen de beleggers en de feitelijke markt om zo de liquiditeit van de markt te garanderen. Dat doen deze marktmakers door constant bied- en laatprijzen af te leveren waartegen de potentiële kopers en verkopers kunnen handelen (de laagste prijs voor de verkopers, de hoogste voor de kopers). Zolang een aankooplimiet niet overeenstemt met de laatprijs van de marktmaker zal er niets uitgevoerd worden.

Primaire markt
Op de primaire markt wordt de belegger rechtstreeks in contact gebracht met de uitgeven van het financieel product. Nieuw gecreëerde effecten worden aangeboden op de primaire markt.

Preferente aandelen
Aandelen waaraan voor de bezitter bijzondere rechten zijn verbonden. Het kan gaan om dividend (winstverdeling) die bij uitkering eerst aan de bezitters van preferente aandelen wordt vergoed.

Prospectus
Een prospectus is een formele verklaring van een ICB en wordt uitgegeven voordat de aandelen worden aangeboden aan het publiek. In deze verklaring zet de ICB zijn doelstelling, de kosten, en andere feiten die de belegger moet weten om een geïnformeerde beslissing te nemen.

Rating
Een uitgevende instelling of een obligatielening kan een rating  krijgen van een zogeheten ‘credit rating agency’ zoals Moody’s, Duff & Phelp’s of Standard’s & Poor. Een rating is te beschouwen als een kwaliteitskeurmerk. Ratings drukt men uit in een combinatie van letters en cijfers. Een Triple A (‘AAA’) rating is de hoogst mogelijke. Hoe hoger de rating, hoe lager het kredietrisico voor de belegger.

Rendement
De opbrengst van een belegging of investering over een bepaalde periode, uitgedrukt in een percentage van de daarvoor gemaakte kosten.

Rentecurve
De rentecurve, of yield curve, is een grafische weergave van de relatie tussen rente en looptijd. De horizontale as geeft de looptijd aan, de verticale as de rentevergoeding. Onder normale omstandigheden zal de rente op kortlopende leningen lager zijn dan die op langer lopende leningen. De grafiek zal dan een oplopende en in een later stadium afvlakkende curve weergeven.

Risicofactor
Standaarddeviatie van de fluctuaties van de koers. Hoe hoger de volatiliteit, hoe meer de koers fluctueert en dus hoe hoger het risico van het beleggingsinstrument. Volatiliteit wordt uitgedrukt in procenten. Om in te schatten of de volatiliteit hoog of laag is, kunt u het vergelijken met de volatiliteit van andere instrumenten.

Risicopremie
Het geëiste rendement op een belegging of investering minus de risicovrije rente (de rente die de meest kredietwaardige partners elkaar in rekening brengen). De risicopremie geeft dus weer welke vergoeding wordt gevraagd voor het lopen van risico op een belegging. Wordt vaak gebruikt bij de analyse van obligaties.

S&P 500
De door Standard’s & Poor ontwikkelde en berekende index waarin de aandelen van 500 Amerikaanse ondernemingen zijn opgenomen. Tezamen met de Dow Jones Industrial Average index behoort de S&P 500 index tot de meest bekeken beursbarometers ter wereld. Futures  op de S&P 500 behoren tot de meest verhandelde ter wereld.

Secundaire markt
Op de secundaire markt worden de bestaande financiële instrumenten vrij verhandeld tussen beleggers. Hier heeft de uitvoering van een transactie dan ook geen invloed meer op de verbintenissen van de uitgever. Kortom, wanneer men een aandeel koopt dat genoteerd is op de Euronext, dan betekent dit dat men dit aandeel koopt van een andere belegger die dit verkoopt. Het kapitaal van de vennootschap die de aandelen initieel uitgaf wordt door deze transactie niet gewijzigd.

Securities and Exchange Commission (SEC)
Amerikaanse overheidsorganisatie die toezicht houdt op/en regels opstelt voor de effectenhandel in Amerika.

Sharpe Ratio
Met dit getal kunnen de resultaten van ICB’s met elkaar worden vergeleken. De sharpe-ratio geeft het rendement boven het risicovrije rendement per eenheid gelopen risico weer. Hoe hoger de ratio, hoe beter het is gelukt om bij een bepaald genomen risico een extra rendement te behalen.

Short gaan
Jargon voor het verkopen van effecten of valuta's terwijl men die niet bezit, of het verkopen (schrijven) van een optie.

SICAV
SICAV staat voor Société d'Investissement à Capital Variable.

Small Caps
Aandelen met een kleine marktkapitalisatie.

Standaarddeviatie
Maatstaf voor de risicograad van beleggingen. Via een formule worden de koersuitslagen ten opzichte van de gemiddelde koersafwijking berekend. Hoe hoger de standaarddeviatie, hoe groter het risico.

Stock dividend
Dividend uitgekeerd in aandelen.

Technische Analyse
Een methode waarbij men met behulp van koersgrafieken en rekenmodellen tracht een trend op de beurs te voorspellen. Men kijkt vooral naar koersverloop en volumes van de handel. In feite tracht men met technische analyse het (massa)gedrag van de beleggers te doorgronden om daaruit de mogelijke richting van de markt te voorspellen.

Tijgers
Benaming voor de groep van drie landen in Azië (Singapore, Zuid-Korea en Taiwan) en Hongkong, die als relatief kleine landen een snelle economische en industriële groei doormaakten.

Top-down
Beslissingsproces waarbij in de eerste plaats de beleggingscategorie wordt gekozen, daarna het land, vervolgens de bedrijfstak en als laatste een specifiek aandeel of obligatie.

Totaal rendement
De « total return » of totaal rendement is de procentuele totale opbrengst op een belegging over een bepaalde periode en bestaat uit de som van koerswinst en uitgekeerde dividenden.

Tracking error
Dit is een maatstaf om de afwijking weer te geven tussen enerzijds het rendement van de ICB en anderzijds het rendement van de benchmark die de ICB volgt.

Trend
Als een koers zich gedurende een langere tijd in een bepaalde, duidelijke richting beweegt spreekt men van een trend. Beleggers proberen trends te ontdekken in de verwachting ervan te kunnen profiteren.

Trendlijn
Een lijn op een koersgrafiek die een bepaalde (stijgende of dalende) trend aangeeft. Beleggers gebruiken (historische) trendlijnen om een toekomstig koersverloop te kunnen voorspellen.

Underperformer
Aandeel dat het duidelijk slechter doet dan andere aandelen op de index van de betreffende aandelenmarkt. Soms wordt ook een belegger of beleggingsinstelling bedoeld die het slechter doet dan een ander.

Valuta
Munt van oorsprong.

Vermogensbeheer
Vermogensbeheer, ook wel asset management genoemd, is de algemene term voor het beheren van een portefeuille van een groep assets, zoals aandelen, obligaties of kas.

Vermogensstructuur
De omvang van het totale vermogen van een bedrijf op een bepaald moment en de manier waarop dat is samengesteld. Geeft inzicht in de mate waarin een bedrijf gebruik gemaakt heeft van bijvoorbeeld aandelenkapitaal, obligatieleningen en bankleningen.

Volatility
Engels voor beweeglijkheid of volatiliteit. Het begrip volatiliteit duidt de beweeglijkheid van de koers van een effect aan. Een hoge volatiliteit betekent dat de koers van een beleggingsinstrument sterk stijgt en daalt binnen een relatief korte periode. volatiliteit is mede een indicator voor het risico dat een belegger loopt met een bepaald beleggingsinstrument.

Warrant
Een verhandelbaar recht om gedurende een bepaalde periode tegen een bepaalde prijs nieuwe aandelen of obligaties bij de uitgevende instelling te kopen.

Winst
De omzet van een bedrijf minus alle kosten zoals rente, belastingen, afschrijvingen, reorganisatievoorzieningen ... .

Winst per aandeel
De nettowinst van een bedrijf gedeeld door het aantal uitstaande aandelen.

Year to Date
Year to Date (YTD) betekent: vanaf vorig jaareinde. Onder YTD vindt u dus het rendement vanaf de laatste jaarwisseling en geeft antwoord op de vraag hoe de ICB tot nu toe in het lopende jaar heeft gepresteerd.

Yield
Yield is het uitbetaalde inkomen uit een belegging uitgedrukt in een percentage. De uitbetaalde inkomsten kunnen bestaan uit dividend of rente. In het geval van een uitgekeerd dividend wordt er ook wel gesproken over dividendrendement.

Yield to Maturity
Yield to Maturity is het effectief rendement op een obligatiebelegging als deze tot het einde van de looptijd wordt aangehouden.

Zerobond
Obligaties die men onder de nominale waarde uitgeeft en die geen rente uitkeren. Op de aflossingsdatum keren zij de nominale waarde uit. Het verschil tussen uitgifteprijs en nominale waarde is het rendement. Zerobonds noemt men ook wel nulcouponobligaties.