Persoonlijke hulpmiddelen
U bent hier: Home Financiële Vaardigheid De ICB Documenten Periodieke rapporten

Periodieke rapporten

Een overzicht van de inhoud van de periodieke rapporten evenals hun doelstellingen.

Samenvatting

« Voor de opvolging van de ICB(-compartimenten), haar activiteiten en resultaten, kan de belegger gebruik maken van de jaar- en halfjaarverslagen die kosteloos verkrijgbaar worden gesteld.

Het jaarverslag omvat de jaarrekening, een verslag over de werkzaamheden tijdens het voorbije boekjaar en een aantal cijfergegevens, onder meer: het aantal stukken in omloop, de netto inventariswaarde (totaal en per stuk) en de evolutie daarvan, de detailopgave van de effectenportefeuille, de prestaties (return).

De Commissaris-Revisor controleert en certificeert de jaarrekening van de ICB.

Het halfjaarlijks verslag omvat een balans, een resultatenrekening en sommige van de gegevens die in het jaarverslag worden versterkt. »

 

Inleiding

Daar waar het "prospectus" een overzicht geeft van het programma hetwelk een ICB dient te volgen, bieden de periodieke rapporten een ander beeld, namelijk: het rapport van de ICB. Hoe werd de ICB beheerd? Welke zijn de resultaten van de ICB? Welke rendement heeft de ICB behaald? Welke eventuele wijzigingen hebben er zich voorgedaan? Deze rapporten dienen de houder van deelbewijzen toe te laten om te beoordelen of de ICB voldaan heeft aan zijn vereisten - gedurende het verslagjaar - en om zich te informeren aangaande belangrijke evoluties die zich hebben voorgedaan.

In termen van periodieke rapporten maakt men een onderscheid tussen het jaarverslag en het halfjaarverslag. Zowel de voorstelling als de inhoud van deze documenten moet voldoen aan een reeks zeer precieze criteria opgelegd door de wetgeving. Door deze gemeenschappelijke structuur publiceert iedere ICB rapporten waarin de informatie eenvoudig te vergelijken is met deze van een andere ICB.

 

Men vindt hierna een beschrijving van het soort informatie dat men terugvindt in deze documenten.

 

1. JAARVERSLAG

De openbare ICB's zijn gehouden om, maximaal drie maanden na het afsluiten van hun boekjaar, een jaarverslag te publiceren. Dit verslag wordt opgedeeld in meerdere onderdelen. Men maakt hier het onderscheid tussen enerzijds beleggingsvennootschappen met compartimentering en anderzijds beleggingsvennootschappen zonder compartimentering of gemeenschappelijke beleggingsfondsen.

 

<<< 1.a. BELEGGINGSVENNOOTSCHAP MET COMPARTIMENTERING >>>

 

Algemene informatie over de beleggingsvennootschap

Ondanks dat er hier wordt ingegaan op de beleggingsvennootschappen met compartimenten en dat elke belegger in eerste plaats vooral geïnteresseerd is in de informatie relatief tot de compartimenten waar hij/zij in belegd heeft, is er toch een reeks van informatie die voor elke investeerder interessant is, onafhankelijk van zijn/haar compartiment(en). Deze informatie wordt behandeld in deze sectie in en worden hierna gedetailleerd uiteengezet:

 

  • Organisatie van de beleggingsvennootschap

Dit eerste deel brengt een reeks van gegevens aangaande de structuur van de beleggingsvennootschap en haar functionering samen: er is sprake van de maatschappelijke zetel, van de oprichtingsdatum, van de samenstelling van de "Raad van Bestuur", het beheer type ("zelfbeheer of niet-zelfbeheer"), van de identiteit van de "Commissaris", van de financiële groep die de ICB promoot, en van de andere tussenkomende partijen zoals de "bewaarder", de instelling belast met de "financiële dienstverlening", de gemeenschappelijke "distributeurs" voor alle compartimenten, de administratieve instelling, de beheerder van de activa (voor zover deze gemeenschappelijk is voor alle compartimenten), evenals het totaal van de compartimenten van de beleggingsvennootschap.

Deze sectie herneemt in feite een reeks gegevens die vervat zijn in het "prospectus" en die bij wijze van spreke de « identiteitskaart » van de ICB voorstellen.

 

  • Beheerverslag

Het beheerverslag bevat informatie omtrent hoe de economie en de financiële markten geëvolueerd zijn gedurende het verslagjaar. Bijgevolg laat dit de belegger toe om zich een algemeen idee te vormen van de financiële- en economische omgeving waarin zijn/haar belegging past en om de resultaten van de belegging - van het boekjaar in kwestie - in dit perspectief te plaatsen.

 

Het beheerverslag bevat onder meer een reeks pertinente inlichtingen, zoals:

    • Informatie aangaande eventuele herstructurering van de onderneming gedurende het lopende boekjaar (bv. fusies of liquideringen van compartimenten);
    • Een beschrijving van de belangrijkste risico's waaraan de beleggingsvennootschap is blootgesteld;
    • Gegevens aangaande belangrijke evenementen die zich eventueel zelfs hebben voorgedaan na afsluiting van de verslagperiode;
    • Een verklaring van de vergoedingen die geïnd worden door de commissaris;
    • Een beschrijving van de politiek aangaande het uitoefenen van stemrechten door de ICB en de uitvoering ervan;
    • Een verklaring aangaande het « maatschappelijk verantwoord » karakter van de investeringen van de ICB, voor zover zij dit karakter bezit;
    • ... .

 

De rol van de Commissaris omhelst onder andere het controleren van de rekeningen en het nagaan of deze overeenstemmen met de realiteit. Daarom bevat het jaarverslag eveneens het verslag van de Commissaris opdat de belegger kan verifiëren of de Commissaris zijn rol goed heeft volbracht.

 

  • Globale balans

Ondanks dat ieder compartiment van de beleggingsvennootschap haar eigen balans heeft, dient de beleggingsvennootschap - als zijnde een vennootschap onderworpen aan het Wetboek van Vennootschappen - een globale balans te tonen. Deze globale balans compileert de gegevens van alle compartimenten. De gegevens die specifiek toebehoren aan een bepaald compartiment worden hierna uitgelegd in de rubrieken die gewijd zijn aan de individuele compartimenten.

 

  • Globale resultaatrekeningen

Net zoals voor de balans, dient een beleggingsvennootschap met meerdere compartimenten eveneens een globale resultaatrekening te presenteren. Hier geldt eveneens dat de gegevens die specifiek zijn voor een bepaald compartiment hierna uitgelegd worden in de rubrieken die gewijd zijn aan de individuele compartimenten.

 

  • Samenvatting van de boekhoudregels en waarderingsregels

De portefeuille van de compartimenten van een beleggingsvennootschap zijn opgesteld uit soms zeer complexe financiële activa. Het kan hier gaan om aandelen, obligaties, cash, afgeleide producten, ... uitgedrukt in de munteenheid van het compartiment of een andere munteenheid. Teneinde de boekhouding van de beleggingsvennootschap en de verschillende compartimenten uit te voeren en om de jaarrekeningen te tonen, volstaat het om aan elk actief een waarde te geven uitgedrukt in de munteenheid van het compartiment. Om deze waardering uit te voeren, volstaat het om een reeks regels te volgen dewelke opgenomen zijn in de wetgeving en dewelke gemeenschappelijk zijn voor elke openbare ICB. Dit laat, eens te meer, toe om een optimale vergelijkbaarheid van de boekhouding en de resultaten van verschillende ICB's naar Belgisch recht (en gecommercialiseerd in België) te verzekeren. Dit deel van het jaarverslag herneemt de belangrijkste gevolgde waarderingsregels, opdat de belegger kan begrijpen hoe de waarde werden toegekend aan de activa die zijn opgenomen in de portefeuille. Het betreft hier een punt hetgeen gecontroleerd werd door de "Commissaris" als onderdeel van zijn controlemissie van de jaarrekeningen. Het betreft voornamelijk:

- Een samenvatting van de regels: onder deze rubriek treft men de belangrijkste gevolgde waarderingsregels aangaande de financiële activa vertegenwoordigd in de portefeuille;

- Een wisselkoers: in de veronderstelling dat één of ander compartiment van de beleggingsvennootschap activa bevat die in een andere munteenheid zijn uitgedrukt dan deze van het compartiment zelf, treft men hier de wisselkoers aan die werd gebruikt om de waarde van dit actief te herrekenen naar de waarde volgens de munteenheid van het compartiment.

 

Informatie over het compartiment

Daar waar de eerste sectie de informatie herneemt die gemeenschappelijk is voor alle compartimenten (zie hierboven), herneemt het jaarverslag per compartiment, de informatie specifiek voor dat bepaald compartiment. Die sectie concentreert alle nuttige inlichtingen aangaande de waardering evenals aangaande het begrijpen van de rendementen en resultaten van elk compartiment. Het belangt dus voornamelijk de investeerders van dat betreffende compartiment aan. Nochtans kan iedereen het nuttig achten om deze informatie te consulteren met als doelstelling dit te vergelijken met de prestaties en resultaten van andere compartimenten.

 

De secties die eigen zijn aan ieder compartiment, zijn samengesteld uit de onderstaande informatie:

  • Beheerverslag

Daar waar de afdeling « algemene informatie over de beleggingsvennootschap » een soort identiteitskaart van de ICB opstelt, stelt het beheerrapport waarover sprake in deze sectie als het ware een identiteitskaart op voor elk compartiment.

 

Het is onder dit punt dat men informatie aantreft aangaande de manier waarop het "beleggingsbeleid" - zoals vermeld in het "prospectus" - werd gevolgd tijdens de verslagperiode. In de mate dat elke compartiment een eigen beleggingsbeleid heeft, is het logisch deze informatie hier weer te geven en niet op het niveau van de algemene informatie van de beleggingsvennootschap. Niettegenstaande kan het nuttig zijn om de gegevens - die zijn opgenomen in het beheerrapport van de beleggingsvennootschap - te consulteren, aangezien deze toelaten om de uitvoering van het beleggingsbeleid van elk compartiment te kaderen in de globaal economische context.

 

Het beheerrapport herneemt de volgende gegevens:

    • De lanceringsdatum van het compartiment en de inschrijvingsprijs;
      Deze datum kan verschillend zijn van de lanceringsdatum van de beleggingsvennootschap. Immers, beleggingsvennootschappen met meerdere compartimenten hebben in principe altijd de mogelijkheid om nieuwe compartimenten te lanceren. Hier wordt eveneens de sluitingsdatum van de initiële inschrijving vermeld evenals de oorspronkelijke inschrijvingsprijs van de deelbewijzen in de munteenheid van het betreffende compartiment.
    • De "beursnotering";
      In de veronderstelling dat de ICB beursgenoteerd is, dient men onder deze rubriek te vermelden op welke markt(en) de deelbewijzen verhandeld worden.
    • Doelstelling en krachtlijnen van het "beleggingsbeleid";
      Het betreft hier informatie die men in grote delen terugvindt in het prospectus. Immers, indien het prospectus het « programma » van de ICB voorstelt en het jaarverslag het « rapport », dan dient dit rapport vergeleken te worden met het programma om vast te stellen of het rapport goed of slecht was. Daarom wordt hier zoveel van het prospectus herhaald.
    • Financieel beheer van de portefeuille;
      Het is mogelijk dat elke compartiment - of enkele onder hen - beheerd worden door een verschillende beheerder. In dat geval treft men onder dit punt de informatie aangaande de beheerder van dat compartiment in kwestie.
    • "Distributeurs";
      Nogmaals, het is mogelijk dat elk compartiment verdeeld wordt door een verschillende distributeur. In dat geval treft men onder dit punt de informatie aangaande de verdeler van dat compartiment in kwestie.
    • Indices en benchmark;
      Indien voorzien is in het prospectus dat een compartiment beheerd wordt door middel van verwijzing naar een index of een benchmark, dan dient men onder dit punt te herhalen welke index/benchmark dit is. Men dient dus, ten voordele van de belegger, die elementen te herhalen dewelke hij/zij nodig heeft om correct het « rapport » van elk compartiment te evalueren.
    • Gevolgde politiek tijdens het boekjaar;
      Het betreft hier zeker het meest essentiële element van het beheerrapport. Immers, hier beschrijft de beheerder in grote lijnen wat deze gedaan heeft met de geïnvesteerde bedragen in dit compartiment gedurende de verslagperiode. Het is vooral tijdens de lezing van deze informatie dat beleggers rekening houden met de belangrijke elementen van het prospectus - die hen werden herinnerd - zoals de doelstellingen en de strekking van het beleggingsbeleid, of de referentie-index. Deze elementen laten toe om te bepalen of de beheerder correct - hetgeen hem opgedragen werd volgens het prospectus - heeft uitgevoerd.
      Onder invloed van diverse redenen, kan het gebeuren dat de beheerder niet altijd de limieten heeft nageleefd zoals die hem werden opgelegd door het prospectus of de wet. Men spreekt in dit geval van het overschrijden van de beleggingslimieten. Bv. indien men uitgaat van een fictief beleggingsbeleid volgens hetgeen de beheerder in « niet meer dan 3% aandelen van eenzelfde uitgever » mag investeren voor de portefeuille van een bepaald compartiment. Onder invloed van diverse factoren kan deze drempelwaarde van 3% toch overschreden zijn, waardoor men in deze rubriek moet aangeven: dat deze drempelwaarde werd overschreden, waarom deze werd overschreden en wat er werd gedaan om dit te verhelpen.
      Dergelijke overschrijdingen van beleggingslimieten zijn niet noodzakelijk opzettelijk, vaak zelfs het tegendeel. Bv. indien er verder gebouwd wordt op het voorbeeld van zonet dan is het mogelijk dat de drempelwaarde van 3% werd overschreden voor aandeel xyz - niet omdat de beheerder als maar xyz aandelen bleef bijkopen maar - omdat de waarde van alle andere aandelen in portefeuille daalde waardoor het relatieve gewicht van dit xyz aandeel in de totale portefeuille steeg.
    • Toekomstige politiek;
      Na uitgelegd te hebben hetgeen er tijdens het boekjaar gedaan werd, dient men eveneens aan te halen hetgeen men plant te doen in het komende jaar. Deze informatie wordt puur indicatief meegegeven en verbindt de beheerder op geen enkele manier. Zij worden bovendien gegeven in het licht van een bepaalde context, namelijk de financieel- economische omgeving. Deze context kan natuurlijk wijzigen gedurende een boekjaar waardoor de beheerder zijn strategie kan/zal aanpassen ten einde optimaal het geld te beheren dat hem werd toevertrouwd - hierbij rekening houdende met alle mogelijke evoluties. In ieder geval dient het beleggingsbeleid dat vermeld werd in het prospectus gerespecteerd te worden.
    • "Risicoklassen".
      Hier dient men een synthetische risico indicator te vermelden die op een uniforme manier berekend werd voor alle ICB's. Deze indicator situeert het risico op een schaal gaande van 1 (hetgeen het kleinste risico weergeeft) tot 7 (hetgeen het grootste risico weergeeft).
      In werkelijkheid geeft het de mate van risico weer waaraan de ICB werd blootgesteld gedurende de verslagperiode. Dit kan variëren van boekjaar tot boekjaar, in functie van de strategie van de beheerder maar ook in functie van de financieel- economische omgeving van het boekjaar.

 

In de veronderstelling dat de Commissaris, naast het verslag dat hij opstelt voor de beleggingsvennootschap in haar totaliteit, een verslag geeft per compartiment, dient men onder deze rubriek het betreffende verslag te hernemen.

 

  • Balans

Hierboven werd aangehaald dat het jaarverslag een geglobaliseerde balans bevat. Verder dienen alle secties eigen aan een compartiment hun eigen balans te bevatten. Deze balans geeft een compleet overzicht van de situatie van de activa en passiva van het compartiment op afsluitingsdatum van het boekjaar. Deze balans wordt gecontroleerd door de Commissaris in het kader van zijn controletaak aangaande de jaarrekeningen.

 

  • Resultaatrekening

Hierboven werd aangehaald dat het jaarverslag een geglobaliseerde resultaatrekening bevat. Verder dienen alle secties eigen aan een compartiment hun eigen resultaatrekening te bevatten. Deze resultaatrekening geeft een overzicht van de financiële resultaten van een compartiment op afsluitingsdatum van het boekjaar. Deze resultaatrekening wordt gecontroleerd door de Commissaris in het kader van zijn controletaak aangaande de jaarrekeningen.

Men dient op te merken dat deze rubriek een tabel bevat die « Verwerking van het resultaat » genoemd wordt en die zich niet op het niveau van de geglobaliseerde resultaatrekeningen bevindt. Dit is heel logisch aangezien deze tabel verklaard wat er met het resultaat van het boekjaar zal gebeuren - uitkering van dividend, overdracht naar volgend boekjaar, ... (deze beslissing wordt genomen door de "Algemene Aandeelhouders" op voorstel van de "Raad van Bestuur") - en aangezien het resultaat van het boekjaar eigen is aan een bepaald compartiment en onder geen beding getransfereerd mag worden naar een ander compartiment, in het kader van het beginsel van scheiding van goederen. Daarom heeft het geen zin om een dergelijke tabel op niveau van de beleggingsvennootschap op te stellen.

 

  • Samenstelling van het actief en kerncijfers

Deze afdeling bevat een reeks gegevens, soms van voldoende technische aard, aangaande de samenstelling van de portefeuille en de evolutie in deze samenstelling evenals de waarde van het compartiment. Nogmaals, het feit dat ieder compartiment een afgescheiden vermogen bezit van de andere compartimenten, brengt met zich mee dat het geen zin heeft deze gegevens op een geglobaliseerde niveau te verspreiden.

Men treft hier onder andere de volgende inlichtingen:

    • Samenstelling van de activa;
      Het betreft hier een tabel die alle financiële activa opneemt die aanwezig zijn in de portefeuille op de afsluitingsdag van het boekjaar. Deze financiële activa worden geklasseerd in groepen met, voor elke post , een indicatie van: het aantal stukken in portefeuille, hun munteenheid, de wisselkoers, een waardering in de munteenheid van het compartiment, het procentueel totaal netto actief dat deze post vertegenwoordigt.
      De belegger vindt hier eveneens een tabel dewelke de geografische verdeling en/of de sectorale verdeling en/of de verdeling per munteenheid van de portefeuille weergeeft en dit alles in functie van het beleggingsbeleid van het compartiment.
      Deze tabellen laten de beleggers dus toe om een beeld te hebben van de samenstelling van de portefeuille op de afsluitingsdatum van het boekjaar.
    • Wijzigingen in de samenstelling van de activa;
      Gezien het nuttig kan zijn voor de belegger om een beeld te hebben van de samenstelling van de portefeuille op de sluitingsdatum van het boekjaar, is het eveneens interessant om te weten hoe de portefeuille geëvolueerd is gedurende het boekjaar. Om dit te verwezenlijken wordt er een tabel opgenomen met de omloopsnelheid van de portefeuille. Aangaande deze ratio's dient men op te merken dat een cijfer dicht bij 0% aangeeft dat de transacties uitsluitend uitgevoerd werden in functie van inschrijvingen of terugbetalingen. Dit betekent dus dat de beheerder voornamelijk activa heeft aangekocht of verkocht omdat ofwel de investeerders zich op deelbewijzen hebben ingeschreven - waardoor er contanten werden ingebracht om te investeren - ofwel de investeerders een terugbetaling gevraagd hebben van hun deelbewijzen - waardoor er activa verkocht moesten worden om over cash geld te beschikken om te investeerder terug te betalen. Daarentegen duidt een negatief percentage er op dat de inschrijvingen en terugbetalingen slechts tot een beperkt aantal transacties hebben geleid, of zelfs tot geen enkele. Ten slotte, zal de investeerder een rechtvaardiging vinden als de omloopsnelheid hoog is.
      Bovendien wordt er ook vermeld dat de belegger de lijst met 'gedurende het boekjaar uitgevoerde transacties' kan bekomen bij de instantie die belast is met de "financiële dienst" van de beleggingsvennootschap. Immers, de identiteit en het adres van deze instantie dient weergegeven te zijn.
    • Bedragen van de verplichtingen aangaande de posities op financieel afgeleide producten;
      Deze post herneemt een reeks inlichtingen aangaande de verplichtingen van het compartiment in afgeleide producten, voor zover dergelijke investeringen natuurlijk aanwezig zijn in de portefeuille. In dit verband moet worden opgemerkt dat de financiële derivaten in principe gebruikt kunnen worden als een middel ter dekking van bepaalde risico's (bv. "renterisico") of als een investering op zichzelf.
    • Evolutie van de inschrijvingen en terugbetalingen evenals de "netto inventariswaarde";
      Naast de informatie aangaande de beleggingen in de portefeuille, kan de belegger eveneens geïnteresseerd zijn in informatie over de verplichtingen van de ICB en de netto inventariswaarde. Daarom worden onder deze rubriek tabellen getoond met gegevens aangaande de evolutie van de inschrijvingen en de terugbetalingen evenals de netto inventariswaarde - en dit alles per type van aandelen.
    • Prestaties;
      De gegevens m.b.t. tot prestaties van het compartiment zijn natuurlijk het belangrijkste voor de belegger. De belegger vindt daarom onder deze rubriek prestatie indicatoren die de zaken vanuit twee verschillende hoeken bekijken.
      Ten eerste, een stafdiagram hetwelk jaar per jaar de jaarlijkse rendementen van het compartiment weergeeft (met een maximum van 10 jaar). Op deze manier kan de belegger de rendementen van het boekjaar vergelijken met deze van voorgaande jaren.
      Ten tweede, een tabel dewelke de gecumuleerde rendementen weergeeft en dit over standaard periodes, zijnde:1, 3, 5 en 10 jaar. Deze tabel laat de belegger toe om een idee te hebben van de prestaties over langere periodes dan één boekjaar.
      Nogmaals, deze presentatienormen zijn gelijk voor alle openbare ICB's, hetgeen gemakkelijk een vergelijking toelaat van hun prestaties ten opzichte van hun concurrenten.
      Deze rubriek vermeldt een opmerking die er op wijst dat de hier voorgestelde gegevens historische gegevens zijn dewelke niet aanzien mogen worden als een garantie voor de toekomst. Immers, de rendementen van een ICB zijn onderworpen aan de wikkekeurigheid van evoluties op de financiële markten, en dat de prestaties uit het verleden gerealiseerd werden gegeven een bepaalde financiële- en economische context. Niets laat dus toe om af te leiden dat de toekomst gelijke rendementen zal verzekeren of « minstens evengoed » als deze uit het verleden. Het is deze notie dat de opmerking wil herhalen. Men treft deze bemerking eveneens aan in het prospectus.
    • Kosten;
      Hier betreft het eveneens een belangrijke post aangezien deze toelaat om de belegger een indicatie te geven van de kosten die het compartiment in zijn totaliteit gedragen heeft. Men treft namelijk in de overeenstemmende posten van de boekhouding het totaal van de betaalde kosten en aangelegde provisies gedurende het boekjaar. Maar deze indicaties geven geen globaal overzicht van de totaliteit van de kosten gedragen door het compartiment. Kortom, per boekhoudkundige post worden de corresponderende kosten gegeven maar er wordt niet één globaal kosten cijfer gegeven.
      De meest sprekende manier om deze kosten weer te geven is via de ratio « Totale kosten versus omvang » dewelke - in de vorm van een percentage - de totale kosten van de ICB op 31/12 weergeeft ten opzichte van het totaal netto actief.
      Nogmaals, de berekeningswijze van deze ratio is identiek voor alle openbare ICB's naar Belgisch recht opdat een vergelijking tussen de ratio's van verschillende ICB's werkelijk representatief zou zijn voor het verschil in kosten tussen deze ICB's.
    • Toelichting op de jaarrekening en andere inlichtingen.
      De wetgeving verplicht om, onder andere, een reeks bijkomstige inlichtingen ter beschikking te stellen in bepaalde vooraf gedefinieerde gevallen. Het kan hier gaan om opmerkingen m.b.t. bepaalde specifieke operaties die door de beheerder van het compartiment werden uitgevoerd, of informatie aangaande effectenleningen uitgevoerd door de ICB, of informatie aangaande het beleid ter uitvoering van de stemrechten verbonden aan de effecten in portefeuille van de ICB, ...
      Al deze inlichtingen, dewelke bedoeld zijn om een aantal punten van de rekeningen te verklaren, dewelke anders niet zouden vermeld worden, zijn opgenomen in deze rubriek "Toelichtingen op de jaarrekening en andere informatie".

 

<<< 1.b. GEMEENSCHAPPELIJK BELEGGINGSFONDS OF BELEGGINGSVENNOOTSCHAP MET 1 COMPARTIMENT OF ZONDER COMPARTIMENT >>>

In het algemeen vinden we in de jaarverslagen van deze ICB's dezelfde inlichtingen als in dewelke hierboven werden uiteengezet voor de beleggingsvennootschappen met meerdere compartimenten. Echter, hun organisatie verschilt licht door het ontbreken van meerdere compartimenten. Het belangrijkste gevolg is dat er geen onderscheid dient gemaakt te worden tussen de toelichtingen aangaande de onderneming of het gemeenschappelijk beleggingsfonds enerzijds en de verschillende compartimenten anderzijds.

Bijgevolg worden deze rapporten als volgt samengesteld:

  • Organisatie van de ICB
    Deze rubriek herneemt dezelfde inlichtingen als deze vermeldt onder de rubriek « Organisatie van de beleggingsvennootschap » voor beleggingsvennootschappen met meerdere compartimenten (tussenkomende partijen, oprichtingsdatum, ...).
  • Beheerverslag
    Hetwelk een algemeen beeld geeft van de markten en eveneens dezelfde informatie herneemt als opgenomen in de beheerverslagen van de compartimenten (zie hierboven).
  • Verslag van de "Commissaris"
  • Balans
  • Resultaatrekeningen en resultaatsverwerkingstabel
  • Samenvatting van de waarderings- en boekhoudregels
  • Samenstelling van het actief en kerncijfers

 

Voor een uitgebreide omschrijving van de inhoud van elke post kan de lezer de informatie hierboven consulteren onder het hoofdstuk « 1.a. Beleggingsvennootschap met meerdere compartimenten ».

 

Controle door de "Commissaris-revisor".

De jaarverslagen worden opgesteld onder de verantwoordelijkheid van de "Raad van Bestuur" voor een "zelfbeheerde" ICB of deze van de "beheervennootschap" voor een "niet-zelfbeheerde" ICB.

 

Zoals hierboven aangehaald, worden de jaarrekeningen die worden opgenomen in het jaarverslag gecontroleerd door de Commissaris-revisor. Deze attesteert hen en geeft hiermee aan dat ze een betrouwbaar beeld geven van het patrimonium, van de financiële situatie en van de resultaten van de onderneming, en dit alles conform aan het boekhoudkundige referentiestelsel dat in België van toepassing is.

Deze attestering die aangeleverd wordt door professionals op het gebied van boekhouding - en die dus een onafhankelijk en kritisch oordeel vellen over de manier waarop de rekeningen werden opgesteld - dient de beleggers te overtuigen dat deze jaarrekeningen een betrouwbaar beeld van de financiële situatie van de ICB tonen en dat deze daarom kan rekenen op de informatie vervat in het rapport.

 

Goedkeuring door de Gewone "Algemene Vergadering"

Nadat de Commissaris-revisor de jaarrekeningen geattesteerd heeft worden deze voorgelegd ter goedkeuring aan de Algemene Aandeelhoudersvergadering. Indien deze oordelen dat de inlichtingen hervat in het rapport niet conform aan de realiteit zijn, dan kunnen zij ervoor kiezen om het rapport niet goed te keuren. Een dergelijke beslissing kan niet lichtzinnig genomen worden en dient bekrachtigd te worden door objectieve elementen. Praktisch gezien zal net door de controle van de commissaris, in principe, voorkomen worden dat de aangeboden verslagen niet overeenstemmen met de werkelijkheid.

A posteriori controle door "de toezichthouder"

Van zodra het jaarverslag werd goedgekeurd door de Algemene Vergadering, kan het gepubliceerd worden. Op hetzelfde moment dient er een exemplaar overgemaakt te worden aan de toezichthouder. Deze kan, indien nodig, opmerkingen formuleren aangaande de inhoud van het jaarverslag, kan bijkomende inlichtingen vragen, of kan suggesties/vragen formuleren voor het opstellen van verslagen van toekomstige afsluitingen.

 

Het betreft hier een a posteriori controle door de toezichthouder aangezien de toezichthouder het verslag niet dient goed te keuren alvorens het gepubliceerd mag worden. Echter, deze controle is een extra kwaliteitswaarborg aangaande de informatie vervat in het jaarverslag in de zin dat men zich niet kan inbeelden dat opmerkingen of suggesties die de toezichthouder nu formuleerde in de toekomst niet in aanmerking zouden worden genomen. Op dit niveau is er dus een echte samenwerking op lange termijn tussen de opstellers van het rapport en de controle-entiteit.

 

Meer algemeen, de toezichthouder kan eender welke inlichting vragen dewelke deze nuttig acht ter controle van het feit dat de informatie vervat in het jaarverslag conform is aan de realiteit. Deze machtiging wordt aan de toezichthouder verleend in het kader van haar controletaak omtrent de financiële informatie dewelke een ICB verspreidt. Het spreekt voor zich dat indien er misleidende, onvolledige of onjuiste inlichtingen worden verspreidt, dat de toezichthouder hierop kan/zal reageren in het kader van haar machtiging.

 

2. HALFJAARVERSLAG

De openbare ICB's dienen, ten laatste twee maanden na de helft van hun boekhoudjaar, een halfjaarverslag te publiceren. Dit halfjaarlijksverslag volgt, voor het grootste gedeelte, het hierboven gepresenteerde schema aangaande het jaarverslag en bevat dezelfde informatie met uitzondering van deze die gelinkt is aan het afsluiten van het boekhoudjaar (bv. deze die gelinkt is aan de resultaatverwerking).

 

Controles

Voorlopig dient het halfjaarlijksverslag niet gecontroleerd te worden door de Commissaris-revisor (doch deze conditie zou kunnen wijzigen in de nabije toekomst). Het wordt in principe ook niet goedgekeurd door de Algemene Vergadering.

Dit dient echter niet geïnterpreteerd te worden alsof er geen enkele controle wordt uitgevoerd op deze informatie. De toezichthouder beschikt, net zoals voor het jaarverslag, over de machtiging om een a posteriori controle uit te voeren. Men dient bovendien ook een exemplaar over te maken aan de toezichthouder binnen de twee maanden die volgen op het afsluiten van het semester onder inspectie.

Daarenboven wordt het halfjaarverslag opgesteld onder de verantwoordelijkheid van de "Raad van Bestuur" voor een "zelfbeheerde" ICB of deze van de "beheervennootschap" voor een "niet-zelfbeheerde" ICB. Dit betekent dat de leden van de Raad van Bestuur verantwoordelijk kunnen gesteld worden door de aandeelhouders of de toezichthouder indien er misleidende of incomplete informatie wordt meegedeeld.

 

Conclusie

Het zal wel duidelijk zijn dat de periodieke verslagen tot doel hebben een hele waaier aan nuttige informatie ter beschikking te stellen van de belegger ter beoordeling van een investering die hij/zij gedaan heeft of overweegt te doen. Deze verslagen zijn dan ook verre van irrelevant papierwerk zonder interesse.