Persoonlijke hulpmiddelen
U bent hier: Home Financiële Vaardigheid De ICB Definitie Indeling van de ICB's

Indeling van de ICB's

Een overzicht van de opdeling van ICB's naar hun juridische indeling en naar de indeling volgens het type van belegger.

Hoofdindeling

De volgende hoofdindeling geldt voor alle ICB’s in België:

  • De openbare ICB die de financiële middelen in België of in het buitenland aantrekt bij het grote publiek;
  • De institutionele ICB die de financiële middelen in België of in het buitenland uitsluitend aantrekt bij institutionele of professionele beleggers en die ook uitsluitend door dergelijke beleggers kan verworven worden;
  • De private ICB die de financiële middelen in België of in het buitenland uitsluitend aantrekken bij private beleggers en die ook uitsluitend door dergelijke beleggers kan verworven worden.

 

Schematisch kan de link tussen de juridische aard (= blauw) en het klanttype (= rood) als volgt weergegeven worden:

juridische aard - klanttype

 

Juridische indeling

Juridisch gezien kan de ICB in België qua vorm opgericht worden bij overeenkomst - in welk geval we spreken van een gemeenschappelijk beleggingsfonds (kortweg: GBF) - of bij statuten - in welk geval we spreken van een beleggingsvennootschap.

De twee belangrijkste verschillen tussen beide vormen zijn de volgende:

  • Een gemeenschappelijk beleggingsfonds is opgericht in onverdeeldheid waardoor ze geen rechtspersoonlijkheid bezitten daar waar een beleggingsvennootschap wel een rechtspersoonlijkheid bezit.
  • De deelbewijzen die men van een gemeenschappelijk beleggingsfonds bezit worden aangeduid met de term 'rechten van deelneming'. Deze die men van een beleggingsvennootschap bezit worden aangeduid met de term 'aandelen'.

 

Bijkomende indeling

Aldus behoren de hoger vermelde ICB’s (dus zowel onder vorm van een gemeenschappelijk beleggingsfonds als onder de vorm van een beleggingsvennootschap) steeds tot één van de volgende categorieën:

  • De ICB met een veranderlijk aantal deelbewijzen (de zgn. open ICB of open ended). Dit type ICB kan haar kapitaal verhogen door de uitgifte van nieuwe deelbewijzen en kan haar kapitaal verlagen door de terugkoop van bestaande deelbewijzen. Daarom is het niet verplicht voor dit type ICB om beursgenoteerd te zijn (maar het mag wel). Hieronder valt de Belgische Bevek en de Luxemburgse Sicav;

  • De ICB met een vast aantal deelbewijzen (de zgn. gesloten ICB of closed ended). Dit type ICB dient verplicht beursgenoteerd te zijn opdat de koers van de deelbewijzen bepaald kan worden door vraag en aanbod. Hieronder valt de Belgische Bevak en de Luxemburgse Sicaf;

Opmerking: Een speciaal type gesloten ICB is de "privak" (en het prifonds) dewelke uitsluitend mag beleggen in niet-genoteerde vennootschappen en groeibedrijven.

  • De ICB die belegt in schuldvorderingen. Dit is echter een uitzonderlijk type dat zo goed als niet voorkomt in België. De beleggingsvennootschap voor belegging in schuldvorderingen wordt afgekort tot 'VBS'.

 

Schematische overzicht van bestaande ICB's in België

Indeling bestaande ICB's

 

Indeling volgens de Europese UCITS richtlijn

Tenslotte horen we vaak ook spreken van de volgende opdeling met name ICB's die al dan niet voldoen aan de "Europese UCITS richtlijn" wat leidt tot de categorisatie:

Opmerking: De wetgeving voor de openbare ICB's en de instutionele ICB's is uitgewerkt in een Koninklijk Besluit maar voor de private ICB's is er nog geen concrete wetgeving uitgewerkt (enige uitzondering hierop vormt de private privak dewelke wel geregeld is).